Laden Evenementen

« Alle Evenementen

NWG Nijmegen: Hongarije

22 oktober @ 20:00 - 23:00

Specialiteit:  Cabernet Franc uit Vilany

Organiserend comité: Theo Zonderland, Tom Wouters, Toon Berns

Inleiding

Hongarije ligt ongeveer tussen de 46e. en de 48e. breedtegraad. Dat is net zo noordelijk als het midden van Frankrijk.

Het Hongaarse landschap bestaat vooral uit uitgestrekte vlakten en enkele heuvels. In het westen ligt het Balatonmeer, dat niet alleen een toeristische trekpleister is, maar ook erg belangrijk is voor de wijnbouw in dit deel van het land.

Hongarije heeft een landklimaat met warme zomers en koude winters. Er is voldoende neerslag, een goed klimaat voor de wijnbouw.

Er was al een uitgebreide wijncultuur toen de Romeinen Hongarije veroverden en nog steeds is er behoorlijk veel wijnbouw. De wijngebieden liggen verspreid over het hele land.

Druivenrassen

Ongeveer 65 % van de wijngaarden is beplant met witte druiven De aanplant van de Hongaarse  wijngaarden met een gezamenlijke oppervlakte van ongeveer 130.000 hectare is buitengewoon gevarieerd. Hier zijn zowel Centraal Europese als mondiale rassen te vinden. Daarnaast ook een rijke collectie van inheemse druivenrassen met onalledaagse namen, een overzicht:

 

Naam druivenras                      Omschrijving                                                            Soort wijn

Ezerjó (wit)                               ras met dunne schil en daarom                                   geeft levendige frisse wijn

gevoelig voor rot

furmint (wit)                             ras van hoge kwaliteit, gevoelig voor                          geeft zowel droge als zoete wijnen;

edele rotting                                                            de basisdruif van Tokaj

hárslevelú (wit)                         letterlijk: lindenblad, aromatische druif                       onder meer gebruikt als aanvulling

op de furmint in Tokaj

irsai oliver (wit)                         vroeg rijpende, aromatische druif                               in Slowakije bekend als Irsay Oliver

kadarka (rood)                          meest karakteristiek rood ras van Hongarije geeft op zijn best stevige wijnen, is van

maar in betekenis afgenomen                                    Albanese oorsprong

kékfrankos (rood)                      synoniem voor blaufränkisch

kéknyelú ((wit)                          letterlijk: met blauwe steeltjes. Zeldzame,

want uiterst gevoelige druif

kékoporto (rood)                      synoniem voor portugieser                                        geeft in Hongarije goede wijn

leánaka (wit)                             letterlijk: meisjesdruif, is identiek aan de

Roemeense feteasca alba

Mezesfehér (wit)                      letterlijk: witte honing                                               ras voor zoete wijnen

Olaszrisling (wit)                        synoniem voor welschriesling/

Laški risling/Graševina

Szúrkebarát (wit)                       letterlijk: grijze monnik, synoniem

Voor pinot  gris

Zöltveltlini (wit)                         synoniem voor Grüner Veltliner

 

Wijnbouwgebieden

Hongarije telt 22 individuele herkomstgebieden die wettelijk als zodanig erkend zijn en waarvan de helft van meer dan lokale betekenis is. Zij zijn gegroepeerd in 3 grote, overkoepelende regio’s:

  • Trans-Donau of Transdanubië
  • Alföld of Pannonische laagvlakte ( in de oudheid was dit de Pannonische Zee)
  • Het Noordelijk Massief

Trans-Danubië

Dit gebied omvat de hele westelijke helft van Hongarije, tussen de Donau en Oostenrijk. Het gebied telt 15 districten.

Centraal in het gebied ligt het grote Balatonmeer dat een flinke invloed heeft op het klimaat. Rond het meer is tevens sprake van een interessante diversiteit in bodems, uiteenlopend van vulkanisch materiaal en leisteen op de noordelijke oever tot löss en zand op de zuidelijke oever.

De wijngaarden op de noordelijke oever zijn uitsluitend beplant met witte rassen. De wijnen kunnen behoorlijk stevig zijn.

Individuele herkomstgebieden rond het Balatonmeer met een zekere reputatie zijn  Badacsony en Balatonfüred-Csopak.

In het uiterste noordwesten, tegen de Neusiedlersee aan, ligt de enclave Sopron. De productie is er overwegend rood en sluit in menig opzicht aan bij het aangrenzende Burgenland. Verwonderlijk is dat allerminst, want het Burgenland maakte tot 1921 deel uit van van Hongarije, hoewel het Duitstalig was.

De aanplant van Sopron wordt is voornamelijk Kékfrankos. Daarnaast heeft het ook wat Veltlini en Sauvignon blanc .

Op de zuidelijke oever ligt een gebied dat vrij recent tot ontdekking is gekomen, Dél Balaton. Voorheen werd dit gebied Balatonboglár genoemd. Er zijn hoofdzakelijk internationale druivenrassen aangeplant. Behalve witte wijnen produceert men hier ook grootschalig rode wijnen, onder meer op basis van Cabernet, Merlot en Pinot noir.

In het zuidelijke Baranya (Baranya is Grieks voor ‘moeder van de wijn’)liggen 3 wijndistricten die rode wijn produceren:en Kadarka

  • Vilány-Siklos ligt dicht bij de grens van Kroatië. Het gebied heeft een groot potentieel voor rode wijnen dank zij een uitstekende expositie van de wijngaarden en gunstige rijpingscondities onder invloed van de Drava. Het meest aangeplante druivenras was aanvankelijk Cabernet Sauvignon, gevolgd door Merlot, maar met name de laatste decennia maakt Cabernet Franc hier een geweldige opmars. Zozeer zelfs dat de bekende wijnschrijver Michael Broadbent in een artikel in de Wine Spectator constateerde dat “Cabernet Franc has found its true home in Vilány”.
  • Szekszárd was ooit synoniem met Bikavér en Kadarka, maar zoals ook elders is dit ras op zijn retour. Nu vindt men er voornamelijk Cabernet, Merlot, Kékfrankos, Zweigelt en Pinot noir voor rood en voor wit Sauvignon blanc. In toenemende mate gaat men hier over op Öko-wijnen.
  • Een recente afsplitsing is Tolna, dat zijn status te danken heeft aan uitstekende wijnen van zowel Chardonnay als Sauvignon blanc, alsook Grüner Veltliner en Traminer.

In het noorden van Trans-Donau, ten westen van Budapest, zijn het eveneens witte wijnen die de boventoon voeren.

Aszár-Neszmély en Mór zijn de voornaamste herkomstgebieden van deze regio. Zij vullen elkaar goed aan, waar het eerste gebied is gespecialiseerd in rassen zoals Sauvignon blanc, Pinot gris, Welschriesling. Het tweede is gespecialiseerd in Ezerjó, Léanyka en Tramini.

Alföld

Alföld heeft 3 districten. Alföld is de grote, zandige vlakte in het zuiden van Hongarije, ten oosten van de Donau. Dit gebied is goed voor bijna de helft van het Hongaarse wijnareaal. De aanplant bestaat vooral uit internationale rassen en de Welschriesling is in dit deel van Europa alom aanwezig.

Hoewel het grote hoeveelheden wijn produceert is het in kwalitatief opzicht vooralsnog van ondergeschikt belang. Mechanisatie is hier eenvoudig te realiseren, maar de combinatie van een uitgesproken continentaal klimaat plus de licht verstuivende zandige bodem zorgt voor de nodige complicaties.

Noordelijk Massief

Het Noordelijk Massief heeft 4 districten. Het is de heuvelrug die zich ten noordoosten van Boedapest uitstrekt langs de

grens met Slowakije. Deze regio omvat o.a. Mátraalja ( de heuvels van Mátra)  bij Gyöngyös, het gebied rond Eger en Tokaj- Hegyalja.

Mátra met zijn vulkanische bodem produceert vooral witte wijnen, waarvan een deel specifiek voor de export naar West Europa is bestemd.

Eger was en is bekend om zijn rode Stierenbloed, Egri Bikavér. Dit is op de buitenlandse markten een zeer bekende assemblage en misschien wel de bekendste rode wijn van Hongarije. Niettemin wisselde de Bikavér nogal eens van kwaliteit en samenstelling. De oorspronkelijke basisdruif Kadarka is tegenwoordig deels ingeruild voor Kékfrankos.

Tokaj

Tokaji, de wijn uit Tokaj, is het vlaggenschip van de Hongaarse wijnbouw en de enige werkelijk klassieke wijn van Centraal en Zuid-oost Europa. Niet voor niets is Tokaj door de Unesco aangewezen als beschermd gebied. Een uitgebreid netwerk van lange gangen en kelders, uitgehakt in graniet, zorgen voor een ideale rijpingsonstandigheden bij een constante temperatuur van 12 °C., samen met een luchtvochtigheid van 95 %.

De Tokaj wijnen hebben een volstrekt uniek aroma en dito smaak met hoog extract, hoge zuren en verschillende gradaties in restzoet. Dit was het resultaat van een uniek, in 1630 ontwikkeld procedé.

Er zijn 4 druivenrassen toegestaan: Furmint ( ca. 70 % van de aanplant, Hárslevelü, Sárga Muskotály (een muskaatsoort) en Oremus, ofwel Zéta (dit druivenras werd vroeger ook gebruikt en is sinds enkele jaren toegestaan)

Het geproduceerde wijntype is zoete Tokaj (aszú), de bekendste wijnen van dit gebied, al komen er ook droge en halfdroge wijnen voor.

De volgende wijntypen worden onderscheiden:

  • ‘Gewone’wijnen. Deze zijn gemaakt van een bepaald druivenras of van een bepaalde cuvée. De meest voorkomende is de Tokaj Furmint. De druiven kunnen laat geoogst zijn, maar zijn niet aangetast door de edele rotting. Deze wijnen vormen 50 á 60 % van de oogst. De meeste reguliere wijnen zijn droog.
  • Szamorodni . Deze Tokaj is gemaakt van druiventrossen die gedeeltelijk door de botrytis zijn aangetast. Het woord Szamorodni stamt uit het Pools en betekent: ‘zoals het geboren is’. Tokaj Szamorodni kan zoet of droog zijn, afhankelijk van de hoeveelheid restsuiker die de wijnmaker achterlaat. Dit wijntype is in Hongarije geliefd als aperitief.
  • Aszú . Aszú betekent ‘uitgezocht’of ‘speciaal geplukt’. De term is verwant aan het Oostenrijkse ‘Ausbruch’. De Tokaj Aszú is altijd zoet en gemaakt van door botrytisdruiven. De wijnmaker past hierop speciale vinificatiemethoden toe, die meerdere wijntypen opleveren. Hierin spelen de puttonyos, kleine kuipjes van ongeveer 20 kilo, gevuld met pulp van druiven die door botrytis zijn aangetast, een rol. De wijnmaker laat vervolgens het sap aflopen. Het eerste sap dat zonder te persen afloopt, is het zoetst. Dit sap houdt hij apart om heel langzaam te laten vergisten – dit gistingsproces kan wel jaren duren. De uiteindelijke wijn heet Tokaj-Eszencia en bevat slecht 5 à 8 % alcohol en is de meest bijzondere – en kostbaarste – van alle Tokaj wijnen. Deze wijn kan zeer oud worden.

 

Na het weglopen van het eerste sap perst de wijnmaker de inhoud van de puttonyos zachtjes. Het sap van 3 tot 6 puttonyos voegt hij toe aan een vat van 136 liter ( een Gönc) met ‘gewone droge wijn’. Hoe meer puttonyos aan de Gönc worden toegevoegd, des te rijker en zoeter wordt de wijn. Het aantal puttonyos staat altijd op het etiket vermeld.Om een bepaald aantal puttonyos te mogen vermelden, moet de wijn een minimaal suikergehalte bevatten. Dit wordt in de onderstaande tabel weeggegeven:

Wijncategorie Minimaal zoetgehalte (gr/l.)
Tokaj Aszú 3 puttonyos Minimaal 60 gr/l.
Tokaj Aszú 4 puttonyos Minimaal 90 gr/l.
Tokaj Aszú 5 puttonyos Minimaal 120 gr/l.
Tokaj Aszú 6 puttonyos Minimaal 150 gr/l.
Tokaj Aszú Essencia Meer dan 150 gr/l.

 

Door de bijzondere vinificatiemethode verschilt de Tokaj van andere edelzoete wijnen. De vermenging van de most van botrytisdruiven met die van niet aangetaste druiven geeft de wijn een bijzondere zoet-zure smaak. Tokaj Aszú wijnen zijn lichter verteerbaar dan dan andere edelzoete wijnen.

Tegenwoordig bestaan er tussende Tokaj Aszú wijnen behoorlijk grote smaakverschillen. Er is een moderne en een traditionele stijl. De moderne stijl probeert de invloed van oxidatie zoveel mogelijk te beperken. Bij de traditionele stijl daarentegen probeert de wijnmaker dit niet en laat hij de wijn lang op hout liggen. Vroeger was het aantal jaren houtrijping afhankelijk van nhet aantal puttonyos dat was toegevoegd: voor iedere puttonyos één jaar. Omdat er altijd 3 tot 6 puttonyos aan de Gönc worrden ntoegevoegd, moet in de traditiobele stijl Tokaj dus 3 tot 6 jaar op hout liggen. Aanvankelijk was dat in de moderne stijl niet toegestaan, maar nu wel

Tokaj Aszú wordt gebotteld in karakteristieke flessen van een halve liter.

Gegevens

Datum:
22 oktober
Tijd:
20:00 - 23:00
Evenement Categorie: